RECHTBANK VAN 1E AANLEG APPINGEDAM


NB. Vindplaats Archief: Groninger Archieven, Rechtbank van eerste aanleg te Appingedam, 1811-1838

President

BONEVAL FAURE, Hugo Pieter van; Personalia: NH; * Negapatnam 1-6-1755, † Appingedam 19-5-1838; zn. van Hugo Pieter Faure en Sara van Boneval; tr. Groningen 1779 Rembertina Volkera van Iddekinge, dr. van Rembt Thomas, luitenant-kolonel der Cavalerie en commandant van de Bellingwolderschans, en Sybilla Volkera Sichterman; grootvader van R. van Boneval Faure, hoogleraar burgerlijk recht te Groningen en Leiden; Loopbaan: studie rechten Groningen (promotie 1777); in 1778 advocaat bij het Hof van Justitie van Groningen; in 1781 ambtman van het Klei-Oldambt en tevens ontvanger convooien en licenten te Termunterzijl, later Nieuwerschans; in 1800 weigerde hij de bekende verklaring van afkeer etc, te tekenen en werd uit zijn functie ontheven; wederom advocaat, in 1802 tevens als provisoneel procureur-generaal bij het departementaal gerechtshof van Stad en Lande werkzaam en als provisioneel rechter in verscheidene jurisdicties; in 1803 benoemd tot fiscaal van het Fivelingokwartier; jul 1808 benoemd tot raad in het departementaal gerechtshof van Stad en Lande; bij zijn overlijden advocaat te Appingedam Opgave 1810: verklaarde dat zijn vermogen zeer gering was; hij was toen gehuwd en had drie zoons; Bronnen: Nationaal Archief MJP, 331, 7; MvJ 5022.

Rechter van instructie

HOVING, Hendrik Willem; Personalia: Doopsgezind * Groningen 20-11-1770 - † Groningen 27-7-1826, zn. van Willem Hendrik, fiscaal, en Anna Cleveringha; tr. Alegonda Woldringh, dr. van Jacobus, raadsheer, en Wendelina Venhuizen; Loopbaan: studie rechten Groningen (promotie 1791); advocaat voor het Hof te Groningen, daarna adjunct-secretaris stad Groningen, vervolgens raad en syndicus voor de Ommelanden, vervolgens secretaris der stad Groningen, in 1787 vurig patriot, na 1795 vrijwillig ambteloos en advocaat, in mei 1803 benoemd tot rechter in het Fivelingokwartier voor een traktement van fl. 2200,-, 1812-1825 notaris, advocaat en schout-burgemeester te Onderdendam, 1825-1827 griffier der Staten van Groningen; publiceerde polemische stukken betreffende het geloof; Opgave 1810: verklaarde dat behalve het traktement, zijn vrouw een inkomen genoot, waarmee hij niet in gemeenschap van goederen was gehuwd, hij had geen persoonlijk vermogen omdat zijn ouders nog leven waren; begin 1810 had hij met een compagnon een zoutmijn gekocht te Appingedam, die wat verwaarloosd was; het succes ervan was nog niet duidelijk; was toen gehuwd en had zeven kinderen; hij merkte bovendien op dat hij voor zijn huidige functie naar Onderdendam moest verhuizen, waar hij op kosten van zijn vrouws erfgoed een huis had moeten laten bouwen voor zijn grote gezin; als hij moet verhuizen zou het huis nog geen kwart opbrengen van wat het gekost had omdat Onderdendam een afgelegen oord was; Bronnen: Nationaal Archief MJP, 331, 24; Hartong, Protocollen, 117; Van der Aa III, onder H, 422; K. ter Laan, Groninger Encyclopedie, s.v.;

NB. Neemt in 1812 ontslag om als notaris verder te gaan; wordt vervangen door Guichart, substituut-procureur (zie aldaar) (Keizerlijk Besluit 20-6-1812, Nationaal Archief, Archief Keizerlijk Hof, inv.nr. 19)

Rechter

GEERTSEMA WIJGCHEL, Jan; Personalia: * Schildwolde 17-12-1758 - † 15-2-1820; zn. van Lodewijk Hendrik Wijgchel, rekenmeester van Stad en Lande en Hillegonda Hermanna. Geertsema; bewoonde in 1811 het stamhuis van de familie Wijgchel, de borg Schattersum te Schildwolde; tr. Anna Paets (schoonzoon Elias Dull, zie hierna) Loopbaan: in 1810 advocaat; in 1811 lid en president van de Arrondissementsraad Appingedam, vrederechter, lid van de ringcommissie; Bronnen: Formsma, Ommelander Borgen, 356.G. de San, Familieportret Wijgchel 1796 (Groninger Museum)

NB. Heeft zijn benoeming niet aangenomen, vermoedelijk ten gunste van zijn zoon en werd vrederechter. Vervangen door Polman Gruys (zie hierna) (Keizerlijk Besluit van 9 juli 1811, Nationaal Archief, Archief Keizerlijk Hof, inv.nr. 19)

 

 

WIJGCHEL, Lodewijk Hendrik; Personalia: * Schildwolde; in 1810 25 jaar; zoon van bovengenoemde; tr. Hillegonda Louisa Wijgchel van Lellens; Loopbaan: studie rechten Groningen (promotie 1807) sinds 1807 advocaat voor verscheidene rechtbanken en vanaf 1808 waarnemend fiscaal jurisdictie Fivelingokwartier; tot 1812 rechter, 1812-1820 rechter van instructie rb Appingedam, vanaf 1820 vrederechter te Appingedam als opvolger van zijn vader; Opgave 1810: verklaarde geen vermogen te bezitten omdat zijn ouders nog in leven waren; was toen gehuwd en had een kind; Bronnen: Formsma, Ommelander Borgen, 356; Nationaal Archief MJP,331,14; MvJ 5022;

Rechter-plaatsvervanger

POLMAN GRUYS, Jan Ernst; Groningen 14-8-1776- † Groningen 18-5-1818; zn. van Ulrich Willem en Eleonora Frederika van Raders; tr. 1800 Johanna Agnes Lewe van Nijenstein, dr. van Gerhard Lewe en Josina Petronelle Alberda; Loopbaan: studie rechten Groningen (promotie 1800); 1804 advocaat voor het gericht van Fivelingo, 1813 lid departementale raad en lid Vergadering van Notabelen voor het departement Wester-Eems, 1815-1818 inspecteur indirecte belastingen Appingedam;1817 luitenant-kolonel 4e bataljon rustende schutterij; Bronnen: Groninger Archieven: O.A.M.W. Hartong, Inventaris van de verzameling familiepapieren Polman Gruys.

NB. Werd rechter ter vervanging van Geertsema Wijgchel In zijn plaats werd benoemd R.P. Ceveringa, advocaat (Keizerlijk Besluit van 9 juli 1811, Nationaal Archief, Archief Keizerlijk Hof, inv.nr. 19); deze neemt zijn benoeming niet aan en wordt vervangen De Sandra Veltman van Slochteren (wrs. mr. Hendrik, die de Fraylemaborg te Slochteren in 1789 zou verbouwen) (Keizerlijk Besluit 20-6-1812, Nationaal Archief, Archief Keizerlijk Hof, inv.nr. 19).

SIJSEN, Johan Hindrik van; Personalia: * Groningen 22-12-1764 - † Groningen 14-10-1826; zn. van Hendrik, richter te Zandeweer, en Lamina Johanna Wijchel, bewoners van de Onnemaborg te Zandeweer; Loopbaan: studie rechten Groningen (promotie 1787); advocaat; 1789-1795 lid van de taalmannen en gezworen meente van Groningen; 1803-1811 fiscaal jurisdictie Hunsingokwartier (tractement fl. 800,-); in 1811 en zeker nog in 1821 rechter rb Appingedam; Opgave 1810: verklaarde dat de inkomsten uit zijn vermogen jaarlijks fl. 500,- bedroeg, de aanstelling als fiscaal was voor het leven, echter met de plicht te verhuizen naar de hoofdplaats van de jurisdictie te Onderdendam, heeft toen zijn vermogen vrijwel geheel opgemaakt aan het kopen van een terrein en het bouwen van een huis; was in 1810 ongehuwd; Bronnen: Nationaal Archief MJP, 331,25; MvJ 5022

NB. Wordt in 1812 rechter en wordt vervangen door A. Buning, lid van het conseil général (Keizerlijk Besluit 20-6-1812, Nationaal Archief, Archief Keizerlijk Hof, inv.nr. 19).

WEERDEN, Hindrik van; Personalia: * Jukwert 6-6-1772 - † Appingedam 20-03-1813, zn. van Jacobus, predikant te Jukwert, en Mettijna Margaretha Sissing; tr. 1794 Anna Willemina de Raadt, dr. van Johann Herman, fiscaal, en Theodora Elisabeth van Gesseler (geparenteerd aan de Wijgchels) Loopbaan: studie rechten Groningen (promotie 1794); 1794 grietman van Westerdeel Langewold, redger in het Hunsingokwartier, gequalificeerd zegelaar te Loppersum; in 1810 en tot zijn overlijden advocaat te Appingedam;

Keizerlijk procureur

CRIQUILLON, Alexis Joseph; Loopbaan: studie rechten; in 1810 rechter Rechtbank van 1e Aanleg Turnhout; in 1826 advocaat bij het Hof in Brussel. Lit: Van Boven, "Belgisch Openbaar Ministerie".

Jurisconsulte, né à Mons le 11 juillet 1755. Il était le fils de Jean-Baptiste et de Marie-Laurence Marlier. Il pratiqua comme avocat au Conseil souverain du Hainaut ; il écrivit un Mémoire présenté aux États de Hainau, A leur Assemblée générale du 30 Mars 1784, Pour l'Établissement d'un Canal dans la Province puis un Second mémoire présenté aux États de Hainau, A leur Assemblée générale du mois de Janvier 1786, en vue de l'établissement d'un canal vers la Flandre et les publia en 1787 avec un autre travail intitulé : Vœux des négociants du Hainau, adressés aux États, Pour l'Établissement d'un Canal vers la Flandre. Il fit paraître en 1790 un Mémoire sur les causes de la décadence du commerce des Pays-Bas et sur les moyens de le rétablir d'une façon avantageuse à la nation. On a imprimé encore une Motion faite le 15 novembre 1792 à la réunion des Amis de la Liberté et de l'Égalité.
& Matthieu, Biographie du Hainaut, 2e livraison, p. 150.

Substituut-procureur

DULL, Elias; Personalia: * Almelo 3-9-1786 - † Groningen 4-6-1873, zn. van Elias, rentmeester huis Almelo, advocaat, richter van Vriezenveen, in 1811 benoemd tot vrederechter te Almelo (wrs. niet aangenomen, want hij praktizeerde nadien als advocaat), en Catharina Maria Dekker, tr. 1815 Jacoba Adriana Petronella Wychgel, dr. van mr. Jan Geertsema Wychgel en Anna Paets; Loopbaan: studie rechten Groningen (promotie 1808); in 1810 jurist te Groningen, 1812-1832 notaris Appingedam; Bronnen: NP 48 (1962) 80; Hartong, Protocollen, 69; Nationaal Archief MJP, 331, 240 (betreft de vader Elias Dull (1741-1834); diens archief bevindt zich in Historisch Centrum Overijssel, Archief huis Almelo;

Neemt in 1812 ontslag om als notaris verder te gaan; wordt vervangen door Petrus Gabriël Sevenstern (1787-1851), advocaat te Groningen (prom. Groningen 1810) (Keizerlijk Besluit 20-6-1812, Nationaal Archief, Archief Keizerlijk Hof, inv.nr. 19) Sevenstern werd OvJ Appingedam (1813-1816) en PG Departementaal Gerechthof Groningen vanaf 1838 (http://www.parlement.com/9291000/biof/04225)

Griffier

BUNING, Abraham; Personalia: NH. * Groningen 12-12-1761 - Wirdum 16-10-1826, zn. van Jacobus en Anna Catharina Werumeus, tr. Groningen 1794 Anna Catharina Marissen, dr. van Jan, en Gezina Ringels; Loopbaan: studie rechten (promotie 1785); 1789-1803 rechter van verscheidene jurisdicties; in 1803 benoemd tot secretaris van de jurisdictie van het Fivelingokwartier, 1812-1826 vrederechter Loppersum, 1819-1822 lid PS Groningen; Opgave 1810: verklaarde dat zijn vermogen bestond uit een boerderij en enige scheepsrederijen; hij was toen gehuwd en had geen kinderen; Bronnen: Nationaal Archief MJP, 331, 13; NP 88 (1999); NL 1908 (Bijdrage tot de genealogie van het geslacht Buning met zijn tak Werumeus Buning, door C.J. Polvliet en Mr H.W. van Sandick), MvJ 5022

NB Werd in 1812 benoemd tot vrederechter te Loppersum (was dat nog in 1821) en bleef als rplv. aan de rechtbank verbonden in plaats van Van Sijsen. Als griffier vervangen door Paul Philip Du Cloux, oud-griffier van het Hoog Militair Gerechtshof te Den Haag. (Keizerlijk Besluit van 9 juli 1811, Nationaal Archief, Archief Keizerlijk Hof, inv.nr. 19). Opgave Du Cloux in 1821: 1789-1795 advocaat te Utrecht, 1795 secretaris en fiscaal op 's-Lands vloot, 1799 secretaris bij de Hoge Zeekrijgsraad, 1802 griffier bij de Hoge Militaire Vierschaar, 1811 enige maanden advocaat bij het Keizerlijk Gerechtshof te Den Haag, in 1812 nog steeds griffier Rb Appingedam. Over hem werd toen door de procureur-crimineel opgemerkt: "opzichtig zijne moraliteit is de publieke opinie tegen hem"

Deze pagina is een onderdeel van de site Rechters in 1811